
Terwijl zij hun zonen voor hun afgoden geslacht hadden, kwamen zij op diezelfde dag naar mijn heiligdom.
Lezen: Lucas 16:1-15
1 Hij zeide ook tot zijn discipelen: Er was een rijk man, die een rentmeester had. Van deze werd hem aangebracht, dat hij zijn bezit verkwistte. 2 En hij liet hem roepen en zeide tot hem: Wat hoor ik daar van u? Doe verantwoording van uw beheer, want gij kunt niet langer rentmeester blijven. 3 De rentmeester zeide bij zichzelf: Wat moet ik doen? Want mijn heer ontneemt mij mijn rentmeesterschap. Spitten kan ik niet, voor bedelen schaam ik mij. 4 Ik weet, wat ik doen zal, opdat zij mij, wanneer ik uit mijn rentmeesterschap ontzet ben, in huis zullen nemen. 5 En hij ontbood de schuldenaars van zijn heer één voor één bij zich. Hij zeide tot de eerste: Hoeveel zijt gij mijn heer schuldig? 6 Hij zeide: Honderd vaten olie. Hij zeide tot hem: Hier hebt gij uw schuldbekentenis, ga vlug zitten en schrijf vijftig. 7 Daarna zeide hij tot de tweede: En hoeveel zijt gij schuldig? Hij zeide: Honderd zakken tarwe. Hij zeide tot hem: Hier hebt gij uw schuldbekentenis, schrijf tachtig. 8 En de heer prees de onrechtvaardige rentmeester, dat hij met overleg gehandeld had, want de kinderen dezer wereld gaan ten aanzien van hun geslacht met veel meer overleg te werk dan de kinderen des lichts. 9 En Ik zeg u: Maakt u vrienden met behulp van de onrechtvaardige Mammon, opdat, wanneer deze u ontvalt, men u opneme in de eeuwige tenten. 10 Wie in zeer weinig getrouw is, is ook in veel getrouw. En wie in zeer weinig onrechtvaardig is, is ook in veel onrechtvaardig. 11 Indien gij dus niet getrouw geweest zijt ten aanzien van de onrechtvaardige Mammon, wie zal u dan het ware goed toevertrouwen? 12 En indien gij niet getrouw geweest zijt ten aanzien van het goed van een ander, wie zal u het onze geven? 13 Geen slaaf kan twee heren dienen, want hij zal òf de ene haten en de andere liefhebben, òf zich aan de ene hechten en de andere minachten; gij kunt niet God dienen èn Mammon. 14 Dit alles hoorden de Farizeeën, die geldzuchtig waren, en zij hoonden Hem. 15 En Hij zeide tot hen: Gij zijt het, die voor rechtvaardig wilt doorgaan voor de mensen, maar God kent uw harten. Want wat hoog is bij mensen, is een gruwel voor God.
Uitleg
Kerkelijke mensen zijn wel eens een beetje jaloers op degenen die vanuit de wereld tot bekering zijn gekomen, omdat dezen het geloof vaak veel rijker beleven. Maar of we nu vanuit de wereld tot God komen of vanuit de kerk, we moeten radicaal het oude leven loslaten om een geheel nieuwe weg, in navolging van Jezus, te gaan! Er is een spreekwoord dat zegt: ‘Heidenen bekeren is een christelijk werk maar Christenen bekeren is een heidens werk!’
Ons geloofsleven is vaak zo arm, omdat we niet beseffen dat wij ons even radicaal moeten bekeren als de Farizeeën en Schriftgeleerden in de dagen van Johannes de Doper.
Jezus zegt: „Wie in zeer weinig getrouw is, is ook in veel getrouw”. Geen wonder dat voor velen het einde van een trouweloze weg is dat ze zeggen: ‘ik doe er niets meer aan’! Natuurlijk! Het is doodvermoeiend om wat ‘aan God te doen’. Maar wat is het rijk wanneer we gaan beleven dat God iets ‘aan ons’ gedaan heeft! Wie rijk in God wil zijn, moet alle andere goden afzweren en zich volkomen aan God gaan wijden om Hem, met de inzet van het hele leven, te dienen.
In dit schriftgedeelte wordt maar van twee goden gesproken: de enige waarachtige God en de god Mammon. Maar in de loop der eeuwen zijn er vele bij gekomen: de god der Verlichting, de god van de Materiële Zekerheden, de Seksgod en vult u zelf uw eigen huisgoden maar in.
Als u verontwaardigd bent over wat hier staat, vergeet u dan niet dat de geldzuchtige Farizeeën juist hierom Jezus ook gehoond hebben!
Laten we toch de vele afgoden afzweren om de enige waarachtige God echt te gaan dienen!
Christengemeente de Brug
chr.debrug@debrugmaasmechelen.be
Ringlaan 410
Voorgangers
Jean & Godelieve Houben
Tel.: 089 - 76 66 76
2 Kronieken 15:7
Gij dan, weest sterk en laten uw handen niet verslappen, want uw werk zal beloond worden.